Wereldwijd Docent
Talent en ervaring verbinden aan kansen in het onderwijs
In twee jaar voor de klas als Wereldwijd Docent: talent kent geen grenzen
Zes jaar geleden vluchtte docent Zahra Tavoosi (42) vanuit Iran naar Nederland. Sinds vorig jaar doet ze met veel enthousiasme mee aan Wereldwijd Docent. Een programma voor internationale onderwijsprofessionals die in twee jaar tijd kennismaken met het Nederlands onderwijssysteem, werken aan hun taalniveau én leren lesgeven op een Nederlandse school. Zahra loopt mee op het Haarlem College en wordt daar begeleid door wiskundeleraar Sharita Kasi-Malaha (42). Wat zijn hun drijfveren en ervaringen met het traject? Zahra: “Ik ben zo blij dat ik mijn passie over de grens mag voortzetten.”
In een licht wiskundelokaal, tussen de boeken en het witte digibord nemen de twee vrouwen plaats. Ze delen meer dan op het eerste gezicht lijkt. Naast dezelfde leeftijd, hebben ze allebei een passie voor het vak wiskunde én hebben beide vrouwen hun land van herkomst achter zich gelaten.
Vertel eens Zahra, waarom heb je ooit voor het onderwijs gekozen?
Zahra: “Al vanaf jongs af aan ben ik goed in wiskunde. Ik vind het vak leuk, dus het was een logische keuze om hierin verder te gaan. Bovendien spreekt het me aan om met jongeren te werken. Dat houdt mezelf ook jong. Mijn moeder wilde dat ik huisarts zou worden, maar ik ben nog steeds erg blij met de keuze voor het docentschap.”
Je stond in Iran voor de klas op een meisjesschool. Hoe was dat?
Zahra: “Ik had het echt naar mijn zin. Wiskunde verveelt nooit en je hebt in Iran best wel wat aanzien als docent. Het docentschap is wel totaal anders dan in Nederland. In Iran bepaal je als leraar hoe het gaat in de klas.”
Sharita herkent dit. “Ik ben zestien jaar geleden naar Nederland gekomen en heb mijn diploma in Suriname gehaald. Daar zijn totaal andere omgangsnormen. In Suriname geldt: jouw wil als docent is wet, de leerlingen luisteren en hebben respect. Toen ik hier kwam, dacht ik: wow, dit is echt een andere wereld!”

“Tijdens mijn inburgering was er iemand die sprak over het programma Wereldwijd Docent. Al gauw hoorde ik dat er een tekort was aan wiskundedocenten. Toen ging het snel.”
En Zahra, had jij gelijk het plan om hier ook in Nederland aan de slag te gaan als docent?
“Tijdens mijn inburgering was er iemand die sprak over het programma Wereldwijd Docent. Mijn contactpersoon bij de gemeente heeft hard zijn best gedaan om mij in het traject te plaatsen. Al gauw hoorde ik dat er een tekort was aan wiskundedocenten. Toen ging het snel.”
Als ze terugkijkt naar vorig jaar dan voelt ze nog de spanning. Zahra: “Aan het begin komt er veel op je af. Ik moest Nederlands en de ‘wiskundetaal’ leren, de Nederlandse cultuur leren begrijpen en de inburgeringslessen bijwonen. Daarnaast mocht ik meelopen met Sharita. De nacht voor mijn eerste les kon ik er niet van slapen. Ik was zó gespannen. Kan ik dit wel? Wat zullen ze van mij vinden? De cultuur is anders, de omgangsregels verschillen. Maar gelukkig, na twee minuten voor de klas voelde ik de rust. Ik kon de opdrachten doen die ik had voorbereid en ben goed opgevangen door Maaike van Wereldwijd Docent en mijn begeleider Sharita natuurlijk.”
Sharita herinnert zich dat moment nog goed. “Het nieuwe schooljaar begon en ik dacht nog; Zahra gaat vast rustig achterin zitten. Maar nee, ze startte direct voorin de klas! Ik dacht: oké die durft, wat leuk! Ze is heel leergierig, maar sommige dingen hebben tijd nodig. Nieuwkomers moeten leren; wat ‘hoort’ in deze situatie, wat moet ik doen, wat is wenselijk? Gelukkig voelde ik Zahra goed aan en herken ik haar proces. Ik zat immers zestien jaar geleden in hetzelfde schuitje. Haar woordenschat was nog wel schaars, maar ik had alle vertrouwen in haar kennis en kunde.”
Zahra lacht. “In het begin dacht ik wel: hoe ga ik dit doen. Met zoveel nieuwe woorden! Maar het ging vanzelf. Als ik een tussenuur had, vroeg ik aan collega’s om uitleg. Nieuwe woorden schrijf ik op in mijn schriftje en dan vraag ik om de vertaling. Zoals donzig of pigment. Ik zuig alles op en wil soms sneller dan me lukt. Dat kost veel energie.”
Het traject van Wereldwijd Docent duurt nu twee jaar.
Sharita: “Ja, dat is heel waardevol. En heel eerlijk, ook noodzakelijk als je het mij vraagt. Het eerste jaar gaat hard. Je bent aan het observeren, onderzoeken en alles gaat stapje voor stapje. Uit eigen ervaring weet ik: je moet al zovéél. Want naast de groei in je werk en het overdragen van je vak, moet je ook wennen aan het lesgeven in Nederland en leer je de taal.”
Er wordt naast haar geknikt. Zahra: “Ik ben goed in wiskunde, maar het blijft hard werken om het vak over te brengen in het Nederlands. Ik voel me soms net een kind: elke keer schakelen, woorden vertalen in mijn hoofd en zorgen dat ik de juiste woorden zeg. Deze tweejarige begeleiding zorgt ervoor dat ik me zekerder voel om het vak goed over te kunnen brengen. En de duurzame begeleiding is goud waard.”
Het vraagt wel wat van beide partijen, toch?
Sharita: “Absoluut. Maar ik vind het fijn dat ik haar kan helpen. En het is win-win hè? Doordat ik mijn aanpak veelvoudig aan Zahra uitleg - ook de handelingen die bij mij automatisch gaan - én extra nadenk bij alles wat ik doe, reflecteer ik automatisch ook op mijn eigen handelen. Het houd je alert en bewust.”
Zelf heeft ze wel wat begeleiding gemist, vertelt Sharita. “Toen ik net uit Suriname kwam en voor het eerst voor de klas in Nederland stond, zei ik: ‘doe je patas van tafel!’ De leerlingen gingen stuk! Zij vonden dit ‘straattaal’ en cool, maar zelf voelde ik me een beetje onthand. Ik had de begeleiding die ik nu geef ook wel gewild.”
En hoe gaan de leerlingen er bij jou mee om Zahra?
"Op advies van Sharita hebben we het traject eerst uitgelegd en mijn rol benoemd aan de leerlingen. We hebben het lesgeven langzaam opgebouwd. Zeker in het eerste jaar keek en luisterde ik met name mee. De verschillen van lesgeven zijn groot. In Iran is de docent de baas en leerlingen spreken je niet tegen. Hier gebeurt dat voortdurend, haha. En als iemand zich niet aan de regels houdt, stuur je een leerling in Iran de klas uit. In Nederland is dat de laatste optie. Maar het contact met de leerlingen is geweldig. Voor een vakantieperiode komen ze mij soms een knuffel geven, zo lief. En in de gang groeten leerlingen mij weleens in het Farsi.” Sharita: “Het voelt allemaal heel natuurlijk. En nu draai je de onderbouw in je eentje!” Bij Zahra biggelen de tranen over haar wangen. “Weet je, ik was aan het begin zo bang om iets verkeerd te doen. En twijfelde: lukt het me wel? Nederlands is mijn eerste vreemde taal. Ik spreek geen Engels, alleen Farsi. Maar ik kan nu zelfstandig lesgeven en daar ben ik heel trots op. Ja, het duurt lang, maar je krijgt door Wereldwijd Docent de ruimte om te groeien.”
Als je van lesgeven houdt, is dit je kans.
Sharita: “Zeker. Zahra is zo’n doorzetter!” Ze vervolgt: “In het begin ging je overal met mij mee... Als ik thee ging halen of iets moest overleggen in de lerarenkamer. Ik probeer jou de ruimte te geven om alles op jouw tempo te leren. En dat gaat hard! Zahra maakt nu met iedereen een babbeltje, ze durft te kletsen met collega’s en de leerlingen. Dat is ontzettend leuk om te zien.”
Zahra: “Dat komt omdat ik me hier thuis voel. Ik mag mezelf zijn op het Haarlem College én bij jou. Vanaf dag één geloof je in mij en de wiskundesectie staat altijd voor me klaar. Ik kan alles zeggen, ook al kom ik soms niet uit mijn woorden. Deze vrijheid is heel veel waard.”
Sharita kijkt ontroerd: “En voor mij ook he! We zijn als zussen voor elkaar. Ook ik leer nog dagelijks van jou, daarom is dit programma zo waardevol.”
Tweejarig traject: een duurzame integratie in het onderwijs
Maaike Jöbsis, projectleider Wereldwijd Docent: “Veel middelbare scholen zoeken actief naar gekwalificeerde leraren met internationale ervaring, vooral in vakgebieden zoals talen, wiskunde, natuurwetenschappen en techniek. Wereldwijd Docent wil het lerarentekort in onze regio verminderen door statushouders met een bevoegdheid in het onderwijs op te leiden. Sommige docenten hebben een bevoegdheid in het land van herkomst, die ook een bevoegdheid in Nederland geeft. Anderen moeten nog examens doen voor bepaalde onderdelen om bevoegd te worden. Voor iedereen geldt dat zij minimaal Nederlands op B2-niveau moeten beheersen, om in te kunnen stromen in het Nederlandse onderwijs.”
Succesvol programma
Wereldwijd Docent koppelt deelnemers aan docenten die al werkzaam zijn op een school in de regio. Maaike: “We moeten leren omgaan met het lerarentekort. Daarom snijdt het mes in dit programma aan twee kanten. Onlangs hebben we het traject onder de loep genomen, vernieuwd én verlengd. In plaats van een jaar, bieden we nu een programma van twee jaar aan.
Het eerste jaar krijgen de deelnemers een stageplek met vergoeding, in het tweede jaar een betaalde werkervaringsplek als onderwijsassistent. Door het programma te verlengen naar twee jaar kunnen we nog meer inzetten op een waardevolle begeleiding en bieden we een duurzaam programma. Hiermee zorgen we voor een succesvolle integratie binnen ons onderwijs. Want talent, kent geen grenzen!”